de-kronieken-van-bomon-godveerdegem-01

De Kronieken van Bomon - Over mijn geboortestreek - 01

Godveerdegem, ons dorpje in de Streek der Heuvelen

 

Om je al wat vertrouwd te maken met de lichtgolvende streek die het hoofddecor vormt van het eerste deel van deze kroniekenreeks, starten we onze trektocht door de tijd in Godveerdegem; een dorpje van amper drie en een kwart vierkante kilometer omvang, dat als een verstilde buitenbaarmoederlijke vrucht aan het Oost-Vlaamse provinciestadje Zottegem hangt. De tijd heeft er regelmatig een siësta gehouden, zodat het dorpje en de bewoners in de jaren vijftig nog een schijnbaar laatmiddeleeuwse sfeer uitstralen.

 

Van de oorspronkelijke bebossing is na eeuwenlang intensief kappen nagenoeg niets meer overgebleven. Ontelbare loofbomen moesten in de loop der eeuwen plaats ruimen voor velden en weilanden. Geen splinter van het gekapte hout ging echter verloren. Alles deed dienst als energiebron voor de huizen en boerderijen, als grondstof voor de plaatselijke woningbouw en voor de productie van gebruiksvoorwerpen, werktuigen, koetsen en karren.

 

In de jaren dat mijn broertje en ik er opgroeien ligt de nadruk nog op kleinschalige veeteelt en landbouw. Onze woonomgeving is dus vrijwel volledig omkranst met een kleurrijk lappendeken van velden en weilanden, met hier en daar nog wat kleine groepjes bomen en struiken die het hemelgewelf van zuurstof voorzien. Er zijn thans nog enkele landbouwbedrijven in de streek gevestigd, hoewel in de laatste decennia het echte boerenleven sterk achteruit gelopen is en de weinige overgebleven landbouwbedrijven structureel gemoderniseerd werden.

 

Veel winkels zijn er in het jaar 1950 niet te vinden in het dorp. Voor kleding, huishoudtoestellen, gebruiksvoorwerpen, kranten, boeken, tijdschriften en veel andere producten zijn we aangewezen op de winkels in de naburige stad Zottegem. We hebben in de jaren vijftig slechts een kruidenier, een slagerij, onze fietsenwinkel en verscheidene “staminees” (cafés) in ons dorp. Van die laatste schieten er vandaag de dag vrijwel geen meer over.

 

Godveerdegem ligt ten zuiden van het stadscentrum van Zottegem en is tegenwoordig door een lintbebouwing met de stad verbonden. In de jaren vijftig is die lintbebouwing er nog niet. Er is uiteraard een weg die naar Zottegem leidt, evenals een smal veldwegeltje, maar voor het grootste deel leven de bewoners van Godveerdegem in een gezellig isolement, zodat ze – zoals veel andere dorpjes in Vlaanderen en Nederland – maatschappelijk en economisch niet zo snel mee evolueren met de enorme naoorlogse veranderingen.

Godveerdegem - 01

De woonomgeving in Godveerdegem wordt omkranst door weeilanden en velden, met hier en daar versnippert wat groepjes loofbomen.

 

Godveerdegem is net als Zottegem een typische ‘ingahaim’ naam. De oorsprong ligt in de zesde en zevende eeuw bij de Frankische kolonisatie van onze contreien. Toen vestigden zich in de Streek der Heuvelen her en der Germaanse stammen. Hun gebied werd genoemd naar het stamhoofd, waarbij telkens dezelfde naamconstructie werd gebruikt: de naam van het stamhoofd, gevolgd door het begrip ‘ingahaim’, wat vrij vertaalt “de woonplaats (of hoeve) van de lieden van” betekent. Leuk te vermelden is dat de persoonsnaam van het stamhoofd toen verwees naar de kwaliteiten of de gebreken van de man in kwestie, of naar een dier waarmee zijn eigenschappen geassocieerd werden. Hundelgem bijvoorbeeld werd afgeleid van Hundilo-ingahaim en Beerlegem van Barilo-ingahaim. Hundilo betekent hondje en barilo beertje. Misschien deed het stamhoofd van Hundelgem het dus altijd op zijn hondjes en had deze van Beerlegem zo ongeveer dezelfde ‘berenkwaliteiten’ als mijn vader ;).

 

Godveerdegem is afgeleid van de naam Gudafrith, wat kan vertaald worden als “God en vrede”. Het stamhoofd van Godveerdegem moet dus een bijzonder godvruchtig en vredelievend man geweest zijn. Misschien is de sterk ontwikkelde godsvrucht en de vredelievende ingesteldheid van de dorpsbewoners in de jaren vijftig daar nog een gevolg van.